Gaan financiële instellingen de wereld redden?

Gisteren werd bekend dat de Rabobank ‘niet wil meewerken aan energie die zij beschouwt als milieuvervuilend’ en daarom geen cent steekt in schaliegasprojecten. Daarover moeten we niet te vroeg juichen, want de Rabobank blijft voorlopig investeren in ‘gewone’ olie- en gasprojecten. Toch is deze ontwikkeling hoopgevend.

Banken, pensioenfondsen en verzekeraars hebben te maken met een vertrouwenscrisis. Woekerpolissen, investeringen in clusterminutie en topsalarissen hebben de financiële sector in een kwaad daglicht gezet. De heren en dames in deze sector waren blijkbaar vergeten dat elke economische activiteit ook een morele activiteit is. Komen ze nu tot inkeer?

Financiële instellingen hebben een cruciale rol in de duurzame energietransitie. Nieuwe energiecentrales, fossiel of hernieuwbaar, vergen een forse investering. Financiële instellingen brengen kapitaal mee om in ruil daarvoor een mooi rendement te incasseren. Zowel nieuwe projecten in fossiele energiewinning als investeringen in een schone energievoorziening vragen om grote zakken met geld. Banken en pensioenfondsen hebben daarom een sleutel in handel om te bepalen waar het met de energievoorziening en de uitstoot van broeikasgassen naartoe gaat.

Vanuit de eigen waarden of onder druk van de publieke opinie besluiten steeds meer instellingen minder of helemaal niet meer te investeren in fossiele energiewinning. Vorige week werd bekend dat de Wereldbank de financiering van kolencentrales sterk gaat beperken als onderdeel van hun aanpak om de gevolgen van klimaatverandering te beperken. San Francisco verbiedt het pensioenfonds van de stad nog langer te investeren in fossiele brandstoffen. Op initiatief van studenten dringt het college van bestuur van de UvA en de HvA bij hun pensioenfondsen nu ook aan op fossiel-vrije investeringen.

Topeconoom bij het IEA Fatih Birol waarschuwde pensioenfondsen onlangs, dat wanneer internationale gemeenschap de opwarming van de aarde daadwerkelijk wil beperken tot de afgesproken twee graden, twee derde van alle bewezen olie-, gas- en kolenreserves in de grond moeten blijven. Investeren in de fossiele energiesector is dan een groot risico.

Maar met het stoppen van investeren in de fossiele energiesector zijn we er nog niet. Financiële instellingen moeten ook gaan investeren in de duurzame energiesector, energiebesparing en cleantech. Vandaag werd bekend dat de Nederlandse pensioenfondsen bereid zijn te investeren in duurzaamheid (mits de overheid een deel van het risico afdekt…).

Wanneer alle financiële instellingen besluiten niet meer te investeren in alle activiteiten die bijdragen aan klimaatverandering, dan zullen zij een beslissende rol spelen in de transitie naar een groene economie. Deze sector heeft immers nog wat goed te maken.

Advertenties

Reacties zijn gesloten.

%d bloggers liken dit: